natuur en techniek
natuurwetenschappelijk en technisch maandblad
BESTEL DIT EXEMPLAAR
49e jaargang / nr. 3 / 1981
pag. 162-181
L. R. J. van den Beucken - Het voorspellen van verkiezingsuitslagen.
Nog niet zo lang geleden was de uitslag van verkiezingen pas vele uren na sluiting van de stembureaus bekend. Tegenwoordig is op basis van opinie-onderzoek al van tevoren een vrij nauwkeurige prognose te geven van de uitslag. Op de verkiezingsdag zelf kan, aan de hand van schaduwverkiezingen, vrijwel onmiddellijk na sluiting een nauwkeurige prognose worden gegeven. Ook zijn er methoden die, binnen twee uur na sluiting, een verkiezingsuitslag kunnen voorspellen met een nog grotere betrouwbaarheid.
pag. 182-201
F. P. Israel - Saturnus - Wonderlijke wereld van ringen en manen.
De recente ruimtevluchten van de Pionier 11 en vooral van de Voyager 1 langs de planeet Saturnus hebben het traditionele beeld van deze planeet volkomen gewijzigd. Het meest belangwekkend is wel het buitengewoon ingewikkelde samenspel van ringen en manen rondom de planeet. De structuur en de bewegingstoestand van de ringen blijken zo ingewikkeld te zijn dat onderzoekers op Aarde weer voor vele jaren werk zullen hebben om hiervoor een sluitende verklaring te vinden. Ook de maan Titan is een interessant onderzoeksobject i.v.m. vragen naar de oorsprong van het aardse leven.
pag. 202-221
J. W. Woldendorp - Processen in vogelpopulaties - Oecologisch onderzoek aan de koolmees.
In Nederland wordt reeds een halve eeuw oecologisch onderzoek aan de koolmees verricht. Hierdoor is het mogelijk een antwoord te geven op allerlei oecologische vragen. Wat is de oorzaak van de schommelingen die in de aantallen van een soort optreden? Wat is de betekenis van een territorium? Worden allerlei oecologische eigenschappen door milieu-omstandigheden bepaald of zijn zij het gevolg van genetische verschillen? Antwoorden hierop kunnen alleen verkregen worden door vele jaren van studie.
pag. 222-241
B. Jongejans -Deeltjes met tover.
Eind 1974 werd de wereld van de hoge-energiefysica betoverd door de ontdekking van een heel merkwaardig deeltje. Het leefde wel duizendmaal langer dan de andere bekende deeltjes met vergelijkbare massa. Naar menselijke maatstaven gemeten was het weliswaar in een flits verdwenen, maar in de nucleaire tijdschaal was het een ware Methusalem. Er was een nieuwe natuurwet voor nodig om zijn bestaan te verklaren en het moest een nog nimmer waargenomen materie-eigenschap vertegenwoordigen - een nieuw ingrediënt voor de opbouw van het heelal.